Veel mensen denken dat creatieve ideeën zomaar ontstaan. Alsof een vormgever ineens een goed idee krijgt onder de douche. In werkelijkheid werkt dat anders. Professionele vormgevers gebruiken allerlei technieken om ideeën te onderzoeken, verzamelen, combineren en verbeteren.
In dit thema leer je hoe je van een eerste gedachte uiteindelijk tot een sterk concept komt.
Vrijwel iedere vormgever begint met schetsen. Een schets is niet bedoeld om mooi te zijn. Een schets helpt je om ideeën zichtbaar te maken. Veel ontwerpers maken tientallen schetsen voordat ze één richting kiezen. Schetsen helpt je om sneller te denken en beter te kijken.
Na deze les kun je:
een idee snel vastleggen
verschillende manieren van schetsen toepassen
een voorwerp vereenvoudigen
uitleggen waarom schetsen belangrijk is voor vormgevers
THEORIE
Voor deze opdracht heb je circa 60 minuten de tijd.
De docent noemt een woord. Bijvoorbeeld:
stoel
fiets
vliegtuig
boom
monster
Stap 1 Maak binnen 1 minuut een schets.
Stap 2 Teken hetzelfde onderwerp opnieuw als:
realistische schets
icoon
lijntekening
Stap 3 Vergelijk de drie resultaten. Welke communiceert het duidelijkst?
Alle schetsen worden op tafels gelegd.
Iedere student krijgt 3 post-its:
Schrijf op:
Welke schets communiceert het snelst?
Welke schets verrast je?
Welke schets roept een vraag op?
Daarna bespreek je klassikaal: Waarom begrijpen we sommige beelden direct?
Waarom past dit?
Je leert dat een vormgever communiceert met beeld.
Veel mensen tekenen tijdens een telefoongesprek of les automatisch kleine figuurtjes. Dat noemen we doodles. Doodles lijken misschien nutteloos, maar ze helpen je hersenen om verbanden te leggen en nieuwe ideeën te ontdekken. Veel illustratoren en ontwerpers gebruiken doodles als startpunt voor grotere ontwerpen.
Na deze les kun je:
doodles gebruiken als inspiratiebron
patronen herkennen
een eenvoudige beeldtaal ontwikkelen
een klein idee uitwerken tot een groter beeld
THEORIE
Voor deze opdracht heb je circa 60 minuten de tijd.
Luister en teken
De docent vertelt een verhaal. Tijdens het luisteren maak je één grote doorlopende doodle.
Gebruik:
Fase 1 Potlood
Fase 2 Dikke zwarte stift
Fase 3 Kleuraccenten
Fase 4 Kies een interessant detail
Fase 5 Werk dit detail uit op groter formaat
Leg alle doodles naast elkaar. Studenten lopen rond en kiezen één doodle van een klasgenoot.
Vervolgens beantwoorden ze:
Welke vormen keren steeds terug?
Welke stijl zie ik ontstaan?
Welke tekening zou verder uitgewerkt kunnen worden?
De maker mag daarna reageren.
Waarom past dit?
Via deze manier ontdek je dat je anderen patronen ziet dan die zij zelf niet zagen.
Een veelgehoorde uitspraak van studenten is: "Ik heb geen inspiratie."
Professionele vormgevers wachten niet op inspiratie. Ze gebruiken technieken om ideeën op te wekken. Nieuwe ideeën ontstaan vaak doordat bestaande ideeën op een nieuwe manier worden gecombineerd.
Een lamp + een plant. Een fiets + een rugzak. Een hond + een wolk.
Veel innovatieve ontwerpen ontstaan doordat twee bestaande ideeën elkaar ontmoeten.
In deze week leer je hoe je bewust associaties kunt maken en hoe je van losse woorden tot nieuwe ideeën komt.
THEORIE
Voor deze opdracht heb je circa 80 minuten de tijd.
Mindmap Challenge
Stap 1 Kies één onderwerp:
duurzaamheid
muziek
technologie
sport
natuur
Stap 2 Maak minimaal 30 associaties.
Werk vanuit:
kleur
materiaal
gevoel
omgeving
geluid
gebruikers
Stap 3 Kies de 10 meest interessante woorden.
Stap 4 Vertaal deze woorden naar kleine schetsen. Niet groter dan een post-it.
Stap 5 Maak 3 onverwachte combinaties. Voorbeeld:
natuur + technologie
sport + duurzaamheid
muziek + architectuur
Reflectie
Welke associatie verraste je?
Welke combinatie zou kunnen uitgroeien tot een concept?
Welke associaties zag je bij anderen?
Welke associatie wil je verder onderzoeken?
Als je niet weet hoe je de techniek achter deze opdracht aanpakt, volg dan onderstaande tutorial.
VIDEO TUTORIAL
Alle mindmaps worden op tafel gelegd.
Iedere student moet:
één idee "stelen"
uitleggen waarom je dat idee interessant is
vertellen hoe je het zelf zou gebruiken
Laat zien dat ideeën mogen groeien door anderen.
Veel studenten denken dat ideeën uit hun hoofd komen. Maar veel ideeën komen juist uit goed kijken. Professionele vormgevers verzamelen voortdurend informatie uit hun omgeving. Ze kijken anders. Ze zien verhalen waar anderen alleen objecten zien.
Na deze les kun je:
bewuster observeren
details verzamelen
visuele informatie ordenen
een verhaal vertellen met beeld
THEORIE
Voor deze opdracht heb je circa 80 minuten de tijd.
Maak een tekening van jouw kamer.
Maar teken niet alleen de meubels.
Voeg ook toe:
voorwerpen die belangrijk voor je zijn
gewoontes
herinneringen
teksten
geluiden
routes die je loopt
Maak er een visueel verhaal van.
wat zegt deze kamer over jou?
wat ziet een bezoeker?
wat valt direct op?
Reflectie
Welke details vertellen iets over jou?
Wat zou een onbekende over jou leren uit deze tekening?
Welke informatie heb je bewust toegevoegd?
Welke informatie heb je bewust weggelaten?
Als je niet weet hoe je de techniek achter deze opdracht aanpakt, volg dan onderstaande tutorial.
VIDEO TUTORIAL
Student A laat zijn werk zien.
Student B vertelt welk verhaal hij denkt te lezen.
Pas daarna vertelt de maker wat het echte verhaal was.
Je ontdekt hoe beeldcommunicatie werkt.
In week 1 heb je geleerd hoe je ideeën kunt vastleggen met schetsen.
In week 2 heb je geleerd hoe je ideeën kunt vinden door te observeren en associëren.
Nu is het tijd voor de volgende stap:
Richting kiezen.
Een moodboard is veel meer dan een verzameling mooie plaatjes.
Professionele vormgevers gebruiken moodboards om:
sfeer te onderzoeken
ideeën te ordenen
een visuele richting te bepalen
ontwerpkeuzes te onderbouwen
Een moodboard helpt je om van losse associaties naar een duidelijke stijl te komen.
Na deze les kun je:
associaties omzetten naar beeld
bewust beelden selecteren
kleur, typografie en materiaal gebruiken om sfeer te communiceren
een handmatig moodboard maken
ontwerpkeuzes uitleggen
THEORIE
In 2 lessen maak jij een handmatig en een digitaal moodboard voor een nieuwe tassenlijn van Susan Bijl
Kies één van de volgende thema's voor de nieuwe tassenlijn van Susan Bijl:
Maak eerst een mindmap rondom jouw thema.
Denk aan:
kleuren
gevoelens
materialen
vormen
muziek
mensen
plekken
objecten
Maak minimaal 20 associaties.
Zoek beelden die passen bij jouw thema.
Je mag gebruiken:
tijdschriften
printjes
foto's
illustraties
Je mag maximaal: 8 beelden gebruiken
Kies bewust. Niet alles wat je vindt hoort automatisch in je moodboard.
Vraag jezelf af: Ondersteunt dit beeld mijn thema?
Kleur Minimaal 3 kleuren.
Zoek een lettertype dat past bij jouw thema.
Welke materialen passen hierbij?
Bijvoorbeeld:
Future: metaal, glas, licht
Spring: bloemen, bladeren, papier
Houseparty: neon, rook, lichtreflecties
Candy: glans, plastic, suikerstructuren
Denk na over:
grootte
overlap
witruimte
hiërarchie
Als je nog enkele tips nodig hebt voor het filmen, bekijk dan onderstaande tutorial.
VIDEO TUTORIAL
Moodboards worden opgehangen.
Iedereen schrijft op:
welke sfeer ze herkennen
welke doelgroep ze verwachten
welke drie woorden erbij passen
Daarna vergelijkt de maker dit met zijn bedoeling.
Test of de visuele keuzes daadwerkelijk werken.
In 2 lessen maak jij een handmatig en een digitaal moodboard voor een nieuwe tassenlijn van Susan Bijl
Voor deze opdracht maak je een digitaal moodboard. Je kiest een ander thema dan je handmatige moodboard.
Voeg maximaal 8 beelden toe.
Gebruik:
eigen foto's
Adobe Stock
rechtenvrije bronnen
AI-generated beelden
Maak een klein kleurpalet.
Voeg minimaal:
3 hoofdkleuren
2 accentkleuren
toe.
Zoek lettertypes die passen bij jouw sfeer. Plaats voorbeelden op het board.
Zoek beelden van:
texturen
oppervlakken
materialen
die passen bij jouw thema.
Plaats 5 woorden op het board.
Bijvoorbeeld:
innovatief
technologie
licht
snelheid
digitaal
Maak een duidelijke compositie.
Denk aan:
grootte
hiërarchie
clustering
witruimte
Als je nog enkele tips nodig hebt voor het filmen, bekijk dan onderstaande tutorial.
VIDEO TUTORIAL
Veel beginnende ontwerpers maken iets wat zij zelf mooi vinden. Professionele vormgevers denken anders. Zij stellen zichzelf eerst de vraag:
Voor wie maak ik dit?
Een professionele vormgever ontwerpt niet voor zichzelf. Een vormgever ontwerpt voor een gebruiker. Dat noemen we een doelgroep.
Een doelgroep bestaat uit mensen met vergelijkbare kenmerken, interesses en voorkeuren. Een verpakking voor kinderen ziet er anders uit dan een verpakking voor volwassenen. Een verpakking voor ouderen ziet er anders uit dan een verpakking voor jongeren. In deze les ga je ontdekken hoe sterk een doelgroep invloed heeft op ontwerpkeuzes.
Na deze les kun je:
uitleggen wat een doelgroep is
verschillende generaties herkennen
ontwerpkeuzes afstemmen op een doelgroep
vormelementen bewust inzetten
ontwerpkeuzes onderbouwen
THEORIE
Voor deze opdracht heb je circa 200 minuten tijd.
Je krijgt van de docent:
een generatie toegewezen
een (digitaal )A3-uitslag van de verpakking
Je hoeft de verpakking dus niet te construeren. Je ontwerpt alleen de grafische vormgeving.
Onderzoek jouw generatie. Maak een klein overzicht.
Denk aan:
favoriete merken, kleuren, apps, muziek, kleding
hobby's
mediagebruik
Wat moet de verpakking uitstralen?
Bijvoorbeeld:
betrouwbaar
speels
duurzaam
premium
energiek
Kies maximaal 3 kernwoorden.
Werk de verpakking uit met de volgende elementen:
productnaam
illustratie
kleurgebruik
typografie
logo
doelgroepgerichte uitstraling
Schrijf op het reflectieformulier:
kleur: ..............................................
typografie: ......................................
illustratie: ........................................
vorm: ..............................................
Reflectie
Beantwoord de vragen:
Als je niet weet hoe je de techniek achter deze opdracht aanpakt, volg dan onderstaande tutorial.
VIDEO TUTORIAL
Leg alle verpakkingen op een grote tafel. Iedere student krijgt 5 stickers. Bij iedere verpakking beantwoorden ze:
□ Babyboomer
□ Gen X
□ Millennial
□ Gen Z
□ Gen Alpha
kleur
typografie
illustratie
compositie
Daarna onthult de maker de juiste doelgroep.
Voor deze opdracht heb je circa 70 minuten tijd. Een professionele vormgever ontwerpt niet voor zichzelf. Sterker nog:
Je moet soms ontwerpen voor mensen die totaal andere interesses, gewoontes en voorkeuren hebben dan jijzelf.
Daarom doen ontwerpers onderzoek. Ze proberen zich te verplaatsen in de doelgroep. In deze les ga je ervaren hoe dat werkt. Je krijgt namelijk de persona van een klasgenoot. Op basis van die persona ontwerp je een poster voor een muziekband die perfect aansluit bij die doelgroep.
Bestudeer de persona.
Let op:
leeftijd
interesses
hobby's
kledingstijl
favoriete merken
mediagebruik
Zoek een muziekband of artiest die past bij de generatie van jouw persona.
Maak een A3-poster. Mag analoog of digitaal.
Verplicht:
Als je niet weet hoe je de techniek achter deze opdracht aanpakt, volg dan onderstaande tutorial.
VIDEO TUTORIAL
Hang alle posters op. De makers vertellen niet voor wie ze ontworpen hebben. De klas vult een formulier in:
□ Babyboomer
□ Gen X
□ Millennial
□ Gen Z
□ Gen Alpha
_________________________________________________
_________________________________________________
Veel mensen denken dat een merk begint met een logo. Professionele vormgevers weten dat dit niet zo is. Een logo is slechts één onderdeel van een merk. Voordat een vormgever een logo ontwerpt, onderzoekt hij:
Voor wie ontwerp ik?
Welke sfeer wil ik oproepen?
Welke waarden horen bij dit merk?
Welke kleuren passen hierbij?
Welke typografie past hierbij?
Welke vormen horen hierbij?
Pas daarna ontstaat een visuele identiteit. Vandaag werk je zoals een professioneel ontwerpbureau. Je ontwikkelt niet alleen een snackbar.
Je ontwikkelt een merk.
Wat ga je leren?
Na deze les kun je:
een merkconcept ontwikkelen
een Brand Board maken
een doelgroep vertalen naar ontwerpkeuzes
kleur en typografie bewust kiezen
een eerste visuele identiteit ontwikkelen
THEORIE
Bedenk een nieuwe snackbar. Niet zomaar een snackbar.Maar een snackbar met een eigen karakter. Je begint het het maken van een Brand Board.
Bijvoorbeeld:
gezinnen
studenten
toeristen
ouderen
festivalbezoekers
Beantwoord:
Waar staat jouw snackbar voor?
Waarom bestaat hij?
Wat maakt hem bijzonder?
Schrijf dit in maximaal drie zinnen.
Ontwikkel een naam die past bij jouw concept.
Bijvoorbeeld:
gezellig
ambachtelijk
humoristisch
Maximaal drie kleuren.
Noteer de kleurcodes:
RGB
CMYK
Zoek twee lettertypes. Dit noem je font pairing. Geen definitieve keuze. Alleen een richting.
Bijvoorbeeld:
robuust
vriendelijk
retro
industrieel
Leg uit waarom.
Maak kleine schetsen van vormen.
Bijvoorbeeld:
frietjes
kroketten
vlaggetjes
mayonaise
patronen
iconen
Niet netjes, gewoon onderzoeken.
Op één A3 verzamel je:
naam
doelgroep
kernwoorden
merkverhaal
kleuren
typografie
vormen
inspiratiebeelden
Loop rond. Iedere student krijgt 3 post-its. Verdeel deze over de snackbarconcepten die jij het sterkst vindt.
Bespreek:
welke namen blijven hangen?
welke concepten zijn origineel?
welke doelgroep is direct herkenbaar?
In de vorige les heb je een merk ontwikkeld. Vandaag ga je onderzoeken hoe jouw merk eruit zou kunnen zien. Je maakt geen compleet logo. Je ontwikkelt onderdelen van een visuele identiteit. Tijdens deze les ga je een of meerdere stempels maken van foam en daar een compositie mee maken. Door te stempelen ontdek je hoe eenvoudige vormen samen een herkenbare stijl kunnen vormen.
Door te stempelen ontdek je:
herhaling
ritme
compositie
samenwerking
Je leert hoe kleine elementen samen één groot beeld kunnen vormen.
Wat ga je leren?
Na deze les kun je:
een grafisch element ontwerpen;
een vorm vereenvoudigen;
een foamstempel maken;
samenwerken aan één compositie;
een vormtaal ontwikkelen.
THEORIE
Welke vorm past het beste bij jouw merk? Kies één grafisch element.
Bijvoorbeeld:
een frietje
een kroket
een mosterdlijn
een vlaggetje
een letter
een icoon
een patroon
Maak drie eenvoudige varianten.
Vraag jezelf af: Kan deze vorm nóg eenvoudiger?
Snijd jouw gekozen vorm uit. Maak minimaal één bruikbare stempel.
Maak verschillende afdrukken.
Experimenteer met:
herhaling
draaien
spiegelen
overlap
ritme
Iedereen mag nu elkaars stempels gebruiken.
Maak samen één grote compositie.
Denk aan:
balans
ritme
contrast
hiërarchie
witruimte
De compositie wordt één gezamenlijk kunstwerk waarin alle snackbaridentiteiten samenkomen.
Welke vorm vertelt het meeste over jouw merk?
Welke stempel van een klasgenoot paste verrassend goed bij jouw compositie?
Wat heb je geleerd over samenwerken?
Als je niet weet hoe je de techniek achter deze opdracht aanpakt, volg dan onderstaande tutorial.
VIDEO TUTORIAL
Hang alle composities aan de muur. Iedere student krijgt een post-it.
Schrijf op:
Plak deze bij het werk. Bespreek de opgeschreven post-its klassikaal:
Kun je een merk herkennen zonder dat je het logo ziet?
....